| PROCEDURE BURGEMEESTERSBENOEMING |
| De procedureregels bij burgemeestersbenoemingen
zijn neergelegd in de circulaire van de minister van Binnenlandse Zaken
van 4 november 2005, nr. 2005-0000254553 en met ingang van 2 november 2005
van kracht. |
| BURGEMEESTERSPROCEDURE NOORD-HOLLAND
IN HET KORT: |
| Het openstellen van de
vacature |
Als er in een gemeente een
burgemeestersvacature ontstaat dan nodigt de commissaris van de Koningin
de fractievoorzitters uit voor een gesprek. In dit gesprek worden o.m.
aan de orde gesteld: de procedure, de profielvergadering, de invulling
van het tijdpad en de werkwijze van de vertrouwenscommissie.
Daarnaast stelt de commissaris,
afhankelijk van de situatie, nog de volgende onderwerpen aan de orde: |
• de deelname aan de vertrouwenscommissie
door een wethouder en/of de secretaris
• de huisvestingssituatie
in de gemeente
• het instrument assessment
• de voorbereiding op selectiegesprekken. |
| Het schetsen van een
profiel en het voornemen een raadplegend referendum over kandidaten te
houden |
| De tweede stap is dat de
commissaris de openbare gemeenteraadsvergadering bij woont. Daarin stelt
de gemeenteraad de profielschets van de nieuwe burgemeester vast. Alvorens
deze wordt vastgesteld, vraagt de commissaris nog enige verduidelijkingen.
In deze vergadering besluit de raad of men voornemens is een raadplegend
referendum te houden over twee door de gemeenteraad benoembaar geachte
kandidaten. De commissaris schetst in deze profielvergadering tevens de
procedure in het algemeen. En afhankelijk van de situatie stelt de commissaris
nog een of meer bijzondere onderwerpen aan de orde. De gemeenteraad neemt
in deze vergadering – altijd – de volgende besluiten: |
• profielschets burgemeester
• verordening op de vertrouwenscommissie
• al dan niet houden van
een referendum
• samenstelling van de vertrouwenscommissie. |
De vacature wordt ongeveer
drie dagen na de profielvergadering door de Minister opengesteld door een
advertentie te plaatsen in o.m. de Staatscourant
De sollicitatietermijn is
(meestal) 3 weken. |
| De sollicitatiebrief |
| De sollicitatiebrief wordt
gericht aan Hare Majesteit de Koningin en binnen de daarvoor gestelde termijn
gezonden aan de commissaris van de Koningin in de provincie Noord-Holland.
De sollicitanten ontvangen van de commissaris een ontvangstbevestiging,
een tijdschema van de procedure alsmede de circulaireregels van 4 november
2005, nr. 2005-0000254553. |
| Het inwinnen van inlichtingen
door de commissaris van de Koningin |
Een vast onderdeel in de
benoemingsprocedure voor burgemeesters is dat er over kandidaten die gesolliciteerd
hebben, door de commissaris van de Koningin inlichtingen worden ingewonnen
bij de burgemeester van de woonplaats van de sollicitant (sollicitanten
uit Noord-Holland) dan wel bij de ambtgenoten (rest van Nederland).
Indien een ambtgenoot de
betreffende kandidaat niet kent, dan verstrekt de burgemeester van de woonplaats
van de sollicitant de gevraagde inlichtingen. De betreffende burgemeester
of ambtgenoot heeft indien nodig een gesprek met de sollicitant. Ook worden
er onder meer justitiële inlichtingen ingewonnen. Deze justitiële
gegevens zullen worden opgevraagd, nadat de kandidaat hiervoor toestemming
heeft verleend.
Het inwinnen van referenties
vindt slechts plaats met toestemming van de sollicitant, die hiervoor de
gegevens over de te raadplegen personen aandraagt.
De bestuursorganen zijn
verplicht de gevraagde inlichtingen te verstrekken.
De commissaris deelt de
door hem verkregen inlichtingen desgevraagd mede aan de vertrouwenscommissie,
tenzij de sollicitant die het aangaat, heeft laten weten bezwaar te hebben
tegen verstrekking van deze gegevens. |
| Ontvangst sollicitanten
bij en selectie van kandidaten ten behoeve van de vertrouwenscommissie
door commissaris van de Koningin |
• Op grond van de sollicitatiebrief,
van verkregen inlichtingen omtrent de sollicitanten en aan de hand van
de profielschets, nodigt de commissaris van de Koningin een aantal personen
uit voor een gesprek. Hij kent een aantal sollicitanten van vorige sollicitaties
of van andere gelegenheden. Deze ontvangt hij niet, terwijl uiteraard een
deel afvalt op grond van de verkregen informatie in het licht van de profielschets.
Ook de chef van het kabinet van de commissaris heeft in de regel een gesprek
met deze kandidaten.
• Hierna ontvangt de commissaris
van de Koningin de vertrouwenscommissie op het provinciehuis en verstrekt
de vertrouwenscommissie een opgave in alfabetische volgorde van degenen
die naar het ambt van burgemeester hebben gesolliciteerd. Van alle door
hem geselecteerde kandidaten krijgt men de sollicitatiebrieven. Tevens
geeft hij zijn oordeel over de door hem geselecteerde kandidaten die hij
in beginsel voor benoeming in de desbetreffende gemeente geschikt acht.
De commissaris informeert de vertrouwenscommissie over de criteria die
hij heeft gehanteerd bij zijn selectie van kandidaten. Indien de vertrouwenscommissie
daarom verzoekt, geeft de commissaris zijn oordeel over andere kandidaten.
Desgewenst verstrekt hij aan de commissie de sollicitatiebrieven van deze
kandidaten. De commissaris selecteert per vacature ongeveer 6 à
8 personen voor de vertrouwenscommissie. Vervolgens stelt de commissaris
de commissie in de gelegenheid zonder zijn aanwezigheid over deze selectie
van gedachten te wisselen.
Tot slot deelt de vertrouwenscommissie
de commissaris mede of zij met de door hem voorgestelde kandidaten, de
selectieprocedure in gaan. De commissie kan het voorstel van de commissaris
aanvullen dan wel kandidaten afvoeren. |
| Instelling, samenstelling,
werkwijze en bevindingen van de vertrouwenscommissie |
De raad stelt een vertrouwenscommissie
in, die belast is met de beoordeling van de kandidaten. Tevens regelt de
raad de taak, samenstelling en werkwijze van de vertrouwenscommissie, alsmede
de geheimhouding.
De vertrouwenscommissie
voert gesprekken met de geselecteerde kandidaten en eventueel andere op
de lijst van sollicitanten voorkomende kandidaten die zich zelf tot de
commissie hebben gewend.
Nadat de vertrouwenscommissie
haar standpunt over de geschiktheid van de door haar ontvangen kandidaten
heeft bepaald, brengt zij zowel schriftelijk als mondeling verslag uit
van haar bevindingen aan de raad en aan de commissaris. Vóór
de (besloten) raadvergadering presenteert een afvaardiging van de commissie
haar concept-verslag aan de commissaris.Zij doet het verslag aan de raad
vergezeld gaan van een concept-aanbeveling van tenminste twee personen
die naar haar oordeel voor de benoeming in aanmerking komen. De commissie
vermeldt daarbij ten aanzien van iedere kandidaat de motieven die tot haar
oordeel hebben geleid.
Indien geen raadplegend
referendum zal worden gehouden geeft de commissie in haar verslag tevens
een beredeneerde volgorde van de kandidaten aan. In het verslag aan de
raad kunnen leden van de vertrouwenscommissie van minderheidsstandpunten
blijk geven.
De beraadslagingen in de
raad over de bevindingen van de vertrouwenscommissie vinden plaats met
gesloten deuren en onder geheimhouding. |
| Het raadplegend referendum |
| Als de raad besloten heeft
een raadplegend referendum te houden dan betrekt de raad de uitslag van
het raadplegend referendum in zijn aanbeveling inzake benoeming. |
| De aanbeveling van de
raad |
| De raad zendt een aanbeveling
inzake benoeming aan de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
en aan de commissaris van de Koningin binnen vier maanden nadat de gelegenheid
tot sollicitatie voor de functie is gegeven, of, indien een raadplegend
referendum ten behoeve van de aanbeveling is gehouden, binnen een maand
nadat het raadplegend referendum is gehouden. Het uitgangspunt is een aanbeveling
van twee personen, de meervoudige aanbeveling; alleen in bijzondere gevallen
mag op grond van de in de circulaire neergelegde situaties hiervan worden
afgeweken. |
De raad zendt de commissaris
van de Koningin ten behoeve van diens rapportage aan de minister over de
inhoud en het verloop van de procedure, het verslag van de vertrouwelijke
beraadslagingen in de raadsvergadering waarin de aanbeveling is vastgesteld,
alsmede de overige informatie.
Ten aanzien van de beraadslagingen
in de raad over het verslag van de vertrouwenscommissie, de stukken die
door de vertrouwenscommissie aan de raad worden gezonden en de stukken
die bij de aanbeveling door de raad aan de minister worden gezonden, geldt
een geheimhoudingsplicht, ook na afronding van de procedure. |
Het besluit tot vaststelling
van de aanbeveling moet in beslotenheid en onder geheimhouding worden genomen.
Alleen de naam van de eerste kandidaat op de aanbeveling kan in openbaarheid
worden genoemd. Uitgangspunt is dat de raad een aanbeveling van 2 personen
aan de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties doet. Alleen
de naam van kandidaat nummer 1 van de aanbeveling wordt – middels een persbericht
– openbaar gemaakt. De naam van kandidaat nummer 2 van de aanbeveling blijft
dus altijd geheim.
Nadat de raad zijn aanbeveling
heeft vastgesteld rapporteert de commissaris aan de minister over de inhoud
en het verloop van de procedure. Daarbij gaat hij in op zijn overleg met
de raad en de vertrouwenscommissie. |
| Benoeming door de Kroon |
De minister ontvangt één
of meerdere kandidaten en doet vervolgens een voordracht tot benoeming
aan Hare Majesteit de Koningin; door de ondertekening van het Koninklijk
Besluit wordt de benoeming een feit, waarna beëdiging door de commissaris
van de Koningin geschiedt.
De gehele tekst van de procedureregels
bij burgemeestersbenoemingen kunt u vinden op de website van het ministerie
van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (www.minbzk.nl) |
| Aangepaste versie 4 januari
2007 |